Een ongeïsoleerde woning verliest warmte via het dak, de gevels, de vloer en de ramen. Hieronder leest u hoeveel warmte per bouwdeel verloren gaat, en welke isolatiemaatregel het meeste verschil maakt.
Een ongeïsoleerde woning verliest warmte via vier routes: circa 30% via het dak (warme lucht stijgt op), circa 25% via de gevels (de grootste contactoppervlakte met buiten), circa 15% via de vloer (koude kruipruimte koelt de vloer af) en circa 20% via ramen en deuren. De resterende circa 10% verdwijnt via ventilatie. Het totale warmteverlies bepaalt hoeveel gas uw ketel verbruikt. Door de bouwschil te isoleren, dak, gevels, vloer, kunt u het warmteverlies met 60 tot 80% verminderen.
Het dak is bij ongeïsoleerde woningen de grootste bron van warmteverlies. Warme lucht stijgt op naar de bovenste verdieping en verdwijnt via een ongeïsoleerd dak direct naar buiten. Bij een woning waar de zolder als leefruimte dient, is dit effect nog groter, de ruimte wordt actief verwarmd maar de warmte stroomt weg via het dak. Dakisolatie kan het warmteverlies via het dak met 70 tot 90% verminderen.
De gevels hebben het grootste oppervlak dat in contact staat met de buitenlucht. Bij een ongeïsoleerde spouwmuur koelt de binnenmuur af tot circa 10–13°C in de winter. De temperatuurverschillen tussen binnen en buiten drijven het warmteverlies. Spouwmuurisolatie verhoogt de binnenmuurtemperatuur met 4–6°C en vermindert het warmteverlies via de gevel met 60 tot 80%. Bij een hoekwoning met drie buitengevels is het geveloppervlak, en dus het warmteverlies, groter.
Ramen en deuren zijn de dunste scheiding tussen binnen en buiten. Enkel glas heeft een isolatiewaarde die circa vijf keer lager is dan een geïsoleerde muur. Oud dubbel glas presteert beter, maar staat nog ver af van modern HR++ glas. Vervangen van enkel glas door HR++ glas kan het warmteverlies via de ramen met circa 60% verminderen. Triple glas vermindert het verlies nog verder, maar de meerkosten zijn aanzienlijk.
De kruipruimte onder de begane grondvloer heeft in de winter vrijwel dezelfde temperatuur als de buitenlucht. Zonder isolatie trekt de koude uit de kruipruimte door de vloer de woonruimte in. Dit veroorzaakt koude voeten en een ongelijkmatig binnenklimaat. Vloerisolatie of bodemisolatie kan het warmteverlies via de vloer met 70 tot 85% verminderen en de vloertemperatuur 3–5°C verhogen.
Ventilatie is noodzakelijk voor een gezond binnenklimaat, maar betekent ook warmteverlies. Bij mechanische ventilatie zonder warmteterugwinning verdwijnt warme lucht naar buiten en wordt koude buitenlucht aangezogen. Een WTW-systeem (warmteterugwinning) kan circa 90% van de warmte uit de afgezogen lucht hergebruiken. Dit is echter pas zinvol als de basissolatie (schil) op orde is, anders verliest u via de schil meer warmte dan via ventilatie.
De meest effectieve aanpak is het isoleren van de bouwschil: dak, gevels en vloer. Begin met de maatregel die bij uw woning het grootste warmteverlies stopt. Voor de meeste woningen is dat spouwmuurisolatie (als er een spouw is), gevolgd door dakisolatie en vloerisolatie. De combinatie van drie maatregelen kan het totale warmteverlies met 60 tot 80% verminderen, en het gasverbruik met 30 tot 50% verlagen.